Basis

Waarom mobiliteit binnen Europa?

Werkervaring opdoen in het buitenland is een belangrijke factor in de professionele en persoonlijke ontwikkeling. Vooral in de context van de Europese arbeidsmarkt die flexibiliteit en interculturele kennis vereist.

Deelname aan mobiliteitsprojecten biedt een unieke kans! Deelnemers kunnen een bepaalde periode in een ander land doorbrengen en waardevolle vaardigheden en internationale ervaring opdoen om hen persoonlijk, professioneel te helpen ontwikkelen.

De afgelopen jaren heeft de Europese Commissie mobiliteit op vele manieren ondersteund door het vrije verkeer van werknemers te introduceren, door systemen die een grotere transparantie van kwalificaties tussen landen mogelijk maken (ECVET) en door financieringsmogelijkheden zoals Erasmus +.

Het European Knowledge Center legt u daarom stap voor stap uit hoe u succesvolle mobiliteitsprojecten kunt beheren.

We nodigen u daarom uit om deel te nemen aan een reis en uw route te beginnen:

  • De blauwe lijn voor zendende organisaties en coördinatoren aan de verzendende zijde
  • De groene lijn voor ontvangende organisaties en coördinatoren aan de ontvangstzijde
  • De rode lijn voor deelnemers – studenten of personeel.

Er zullen veel taken zijn voor alle betrokken personen en organisaties. Soms zijn ze specifiek, soms moet je gemeenschappelijke afspraken maken. In beide gevallen geven we u op de volgende pagina’s handige tips, checklists, sjablonen en vele andere interessante bronnen.

Geniet van je reis naar een succesvol mobiliteitsproject!

Eerst enige achtergrondinformatie

Erasmus+ is het EU-programma voor onderwijs, opleiding, jeugd en sport in Europa. Key Action 1 (KA1) ondersteunt de mobiliteit van lerenden en personeel in het hoger onderwijs, beroepsonderwijs (MBO), scholen, volwassenenonderwijs en jongeren.

Organisaties kunnen zowel BBL-studenten als BOL-studenten de mogelijkheid bieden om in het buitenland op een werkplek of op een MBO-school te leren. Medewerkers kunnen naar een onderneming of organisatie worden gestuurd om les te geven, te trainen of getraind te worden.

Organisaties die gebruik willen maken van deze mogelijkheden kunnen zich aanmelden als een individuele organisatie voor beroepsonderwijs, of als onderdeel van een “nationaal mobiliteitsconsortium”; een groep organisaties beheerd door één enkele coördinerende organisatie.

Het aanvraagproces wordt beheerd door het Nationaal Agentschap in het land waar de aanvragende organisatie van het consortium is gevestigd.

Om een aanvraag te kunnen doen, hangt zeker af van het gebied, waarbinnen u wilt aanvragen, het kunnen universiteiten zijn, scholen in het algemeen onderwijs … maar als we ons richten op het beroepsonderwijs, zijn de in aanmerking komende organisaties:

  • publieke of particuliere organisaties (of vestigingen/afdelingen daarvan) die actief zijn op het gebied van beroepsonderwijs (MBO-instelling genoemd); of
  • elke publieke of particuliere organisatie die actief is op de arbeidsmarkt (“onderneming” genoemd)

Voorbeelden: beroepsopleidingen, kleine, middelgrote of grote ondernemingen, een overheidsinstantie, non-profitorganisaties, organisaties die loopbaanbegeleiding geven, professionele counseling en informatieverstrekkende organisaties, scholen op elk niveau, van kleuterschool tot volwasseneneducatie, enz.
Elke organisatie moet gevestigd zijn in een programmaland.

Bekijk de twee video’s om meer te weten te komen over de betrokken organisaties en hun noodzakelijke interactie- en communicatiestromen:

Vanuit het oogpunt van een zendende organisatie:

Vanuit het oogpunt van een ontvangende organisatie:

Een mobiliteitsproject voor beroepsonderwijs moet uit een of meer van de volgende activiteiten bestaan:

  • Mobiliteit in organisaties voor beroepsonderwijs en/of bedrijven in het buitenland, van 2 weken tot minder dan 3 maanden;
  • Langdurige mobiliteit in organisaties voor beroepsonderwijs en/of bedrijven in het buitenland (ErasmusPro), van 3 tot 12 maanden.
  • onderwijs- en opleidingsopdrachten in het buitenland;
  • opleiding van personeel in het buitenland.